
Rijkswet aanpassing rijkswetten euro
Artikel 9
1
Wanneer de regering het voornemen heeft om over te gaan tot verlenging van een aflopend verdrag deelt zij dit voornemen schriftelijk mee aan de Staten-Generaal en, indien het verdrag voor de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk voor Aruba geldt, aan de Staten van de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk van Aruba.
2
Indien binnen dertig dagen na de in het eerste lid bedoelde mededeling door of namens een van de kamers of door ten minste een vijfde van het grondwettelijk aantal leden van een van de kamers, of door de Gevolmachtigde Minister van de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk van Aruba, de wens te kennen wordt gegeven dat het verdrag tot verlenging aan de goedkeuring van de Staten-Generaal zal worden onderworpen, is in afwijking van het bepaalde in artikel 7, onder e, de goedkeuring van de Staten-Generaal vereist.
3
Wanneer de regering het voornemen heeft een aflopend verdrag niet te verlengen terwijl één of meer van de overige verdragspartijen dat verdrag wel wenst te verlengen, deelt zij dit voornemen schriftelijk mee aan de Staten-Generaal en, indien het verdrag voor de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk voor Aruba geldt, aan de Staten van de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk van Aruba.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.